Telefoonnummer Solis(0570) 698 298

Te haastig op weg naar iets moois

Dinsdag 28 oktober

De veranderingen in de ouderenzorg kunnen tot iets moois leiden. De haast waarmee die veranderingen worden doorgevoerd, baart zorgen. Dat vindt ANBO-directeur Liane den Haan. “Onlangs was ik in Canada. Ik vroeg hoe de zorg aan ouderen daar geregeld is. In het antwoord herkende ik steeds meer elementen van de vorm waar wij momenteel naartoe werken. Die nieuwe vorm kan dus best goed werken, zo bleek. We hebben echter wel meer tijd nodig om zaken goed te regelen.’

Den Haan duidt op de veranderingen die per 1 januari 2015 van kracht worden. ‘Ik erken de noodzaak van deze verandering. Het bedrag dat voor langdurige zorg beschikbaar is, blijft gelijk. Maar er moeten steeds meer mensen gebruik van maken. Het is dus logisch om andere wegen te bewandelen en bijvoorbeeld te zoeken naar wat mensen in de omgeving kunnen betekenen. Te lang hebben ouderen het als vanzelfsprekend beschouwd om bij de overheid aan te kloppen als er meer zorg nodig was. We zijn het ontwend om die zorg eerst in eigen omgeving te zoeken. In onze cultuur zijn we nogal sterk geïndividualiseerd. Lang geleden was het in ons land heel gewoon om de buurvrouw te vragen de ramen te lappen als je dat zelf niet kon. Nu zou je het niet in je hoofd halen. In Zuid-Europese landen is die burenhulp nog veel algemener. Het gaat daarbij niet om de echte medische zorg. Die moet gewoon in handen blijven van professionals. Maar de zorg en aandacht daaromheen kan heel goed in de omgeving gezocht worden. Een thuiszorgorganisatie die met die manier van werken experimenteerde, ontdekte dat cliënten tevredener waren. Ze kregen meer aandacht van vrienden en familieleden. En voor die mensen uit de omgeving was het een prettig gevoel dat ze iets konden betekenen.’

Zorg om tempo

Den Haan maakt zich zorgen om het tempo waarin de veranderingen worden doorgevoerd. ‘We zien dat veel gemeenten er nog niet klaar voor zijn. Met de dagbesteding komt het vermoedelijk wel in orde, maar dat zie ik nog niet gebeuren met de langdurige zorg. De ANBO was overigens niet de enige die dit geluid gaf. Ook Zorgverzekeraars Nederland stuurde een brandbrief aan de minister. Wij pleiten voor een overgangsjaar voor die langdurige zorg waarin soepel gekeken wordt naar de financiering. In dat jaar kunnen gemeenten ook experimenteren met regionale samenwerking. Het kan best zijn dat de ene gemeente niet in staat is aan de vraag naar langdurige zorg te voldoen, terwijl er in een naburige gemeente nog ruimte beschikbaar is. De financiering moet goed aansluiten bij de vraag. Hoe kunnen we die zo inrichten dat er niemand tussen wal en schip valt? Daarin moeten we iemands sociale context meewegen. Wat kunnen mantelzorgers doen? En welke zorg is precies nodig? Dat moet maatwerk zijn, maar er is nog geen zicht op of dat echt gaat lukken. Daarover maakt de ANBO zich zorgen, dus lijkt het ons goed om voor die langdurige zorg een zorgvuldiger proces te doorlopen.’

Cultuuromslag

Een ander punt waarover De Haan zich zorgen maakt, is de cultuuromslag die nodig is. ‘De nieuwe wetgeving is erop gericht mensen zo lang mogelijk de regie over hun eigen leven te laten houden. Dat zal vooral in de uitvoering moeten blijken. De wetgever beseft dat te weinig. Cliënten en patiënten zijn tot nu toe gewend om hulp te vragen en te krijgen. Hulpverleners en medewerkers in de zorg zijn gewend om onmiddellijk aan die vraag te voldoen. Dat moeten we afleren, het is zorgen met je handen op je rug. Aanvankelijk duurt dat langer, maar op den duur levert het tijdwinst op. Bovendien geeft het de patiënt of cliënt het gevoel van eigenwaarde terug. Heel waardevol. Ik denk dat er wel wat cultuurcampagnes gevoerd moeten worden om dit duidelijk te maken, net als er voorlichting en scholing nodig zijn. Verder zie ik dat de gemeenten de informele zorg niet op de juiste waarde schat: de kerken, Humanitas, ANBO, Voedselbanken. Daar zit veel kennis en ervaring. De informele zorg weet vaak al veel eerder wat er aan de hand is. Dat levert dus ook kostenbesparing op. Als we voldoende tijd nemen om de veranderingen goed voor te bereiden, moet het tot iets moois kunnen leiden.’